Redactie HRMorgen 10 juni 2026 0 reacties Print Ook de timmerman en het accountantsbedrijf kunnen onder uitzendwet Wtta vallen, alleen weten zij dat nog nietGeen uitzenden meer zonder toelating: met uitzendwet Wtta is het toelatingsstelsel voor de uitzendbranche een feit. Maar de toelatingseis geldt voor meer bedrijven dan uitzenders en detacheerders. Alleen weten zij dat vaak niet. Afwachten is voor Alexander Kist van W&RK advies geen goed idee als het gaat om het nieuwe toelatingsstelsel. Want de Wtta, die in werking treedt op 1 januari 2027, waait niet vanzelf over. De meeste bedrijven zien het toelatingsstelsel als iets voor de uitzendbranche, een toelatingsstelsel voor uitzend- en payrollbedrijven en detacheerders. In de kern is het dat ook. Voor de uitzendwereld is de wet allang geen geheimtaal meer; het gros van de bedrijven is druk bezig zich voor te bereiden op de toelating. In dit artikel Toggle Breder dan uitzendenGeen ontkomen aanIs elk advocatenkantoor voortaan een uitzendbureau?Toelating en ontheffingWanneer val je niét onder het toelatingsstelsel? Breder dan uitzenden Maar het begrip uitlenen, en daarmee de toelating, is breder dan op het eerste gezicht lijkt. De algemene regel is simpel, zegt Kist. Onder de Wtta mogen bedrijven alleen nog personeel ter beschikking stellen als zij zijn toegelaten door de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt (NAU). Elk bedrijf dat personeel ter beschikking stelt en laat werken onder toezicht en leiding van de inlener, valt in principe onder de Wtta. En daar zit de crux, want dat uitlenen gaat soms onder andere noemers. Kist geeft een paar voorbeelden. Een advocatenkantoor verhuurt bedrijfsjuristen aan klanten. Een administratiekantoor stuurt een werknemer twee dagen per week naar het kantoor van een klant. Een accountantskantoor noemt het dienstverlening, maar in de praktijk werken de accountants op kantoor en onder leiding en toezicht van de klant. Ook bedrijven die maar af en toe personeel uitlenen, kunnen onder de wet vallen. Denk aan een bouwbedrijf dat medewerkers tijdelijk inzet bij een concurrent of een adviesbureau dat medewerkers uitleent aan een klant voor een project. De wet is ook van toepassing op zorg- en onderwijsinstellingen die personeel uitlenen aan andere instellingen. Geen ontkomen aan Aan de uitleenkant zijn veel partijen zich daar niet van bewust, merkt Kist. Toch ontkomen zij niet aan de wet. Want vanaf 1 januari 2028 mag uitlenen alleen nog met toelating van de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt (NAU). Voor inleners geldt dat zij vanaf dat moment alleen mogen inhuren van toegelaten uitleners. Wie inleent van een bedrijf dat die toelating niét heeft, riskeert hoge boetes. Wegkijken kan je als uitlener dus business gaan kosten. Nu zijn er wel uitzonderingen. Collegiale uitleen bijvoorbeeld of intra-concern uitzenden (zie kader). Maar, zo benadrukt Kist, laat bedrijven vooral niet denken dat het een kwestie is van even een ontheffing aanvragen. Leen je personeel uit? Dan ontkom je slechts in uitzonderlijke gevallen aan het toelatingsstelsel. Is elk advocatenkantoor voortaan een uitzendbureau? Wordt voortaan elk accountantskantoor of advocatenkantoor een uitzendbureau? Dat niet. Maar het is wel zaak tijdig te beginnen met inventariseren. Doet het bedrijf opdrachten die lijken op detachering of tijdelijke vervanging van personeel? Waar werkt de medewerker en werkt die bij de klant onder leiding en toezicht? Hoe worden de kosten doorberekend? En wie is verantwoordelijk voor het opdrachtresultaat? Is het een incidentele uitwisseling of een structurele? Bij twijfel komt het aan op beoordelen of toelating, ontheffing of aanpassing van de opdracht nodig is. Op de website van de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt (NAU) vind je een beslisboom. Toelating en ontheffing Zowel toelating als ontheffing vraag je aan bij de NAU. Om zeker te weten dat je op tijd bent, regel je dat vóór 2027. De vereisten daarvoor zijn onder meer een VOG, een waarborgsom van € 100.000 en voldoen aan alle wetgeving. De NAU heeft inspectie-instellingen aangewezen die toetsen of een organisatie voldoet aan het wettelijke Wtta-normenkader. Deze controleren onder meer de loonbetaling, de personeels- en loonadministratie en de afdracht van belastingen en sociale premies. Is alles in orde, dan krijg je een inspectierapport, dat nodig is voor de toelating. Kom je als bedrijf in aanmerking voor een ontheffing? Dan is het belangrijk om die ook daadwerkelijk aan te vragen bij de NAU. Want ook de ontheffingen worden opgenomen in het openbare register. Zo kunnen inleners zien dat zij werknemers bij je mogen inlenen. Wanneer val je niét onder het toelatingsstelsel? Een aantal sectoren is uitgezonderd: de beveiligingsbranche, sociale werkvoorziening en bedrijven die uitlenen voor werken-lerentrajecten (BBL). Bij intra-concern uitlenen: inlener en uitlener behoren tot dezelfde groep of ze zijn moeder en dochter. Let op: het loonverhoudingsvoorschrift van de Waadi geldt dan nog wél. Bij collegiale- en uitleen, maar onder heel strikte voorwaarden. Het moet gaan om incidentele uitwisseling zonder winstoogmerk. Je moet in de administratie helder kunnen aantonen dat het uitsluitend om doorbelaste loonkosten gaat. Wie heel weinig uitleent, komt in aanmerking voor een ontheffing – Minder dan 10% van de jaaromzet komt uit uitlenen. – De jaaromzet is lager dan € 5 miljoen. Je hebt aantoonbaar voorafgaand aan de aanvraag minimaal 12 maanden loon betaald. Let op: de ontheffing geldt alleen voor de toelatingsplicht. Andere verplichtingen uit de Wtta blijven van kracht, zoals de meld- en administratieplicht, het doorgeven van arbeidsvoorwaarden, de huisvestingseisen en de zorgplicht rond inschrijving in de Basisregistratie Personen (BRP). Meer informatie over de Wtta is te vinden op Toelatinguitleenmarkt.nl detacheren, uitzenden, Wtta Print Over de auteur Over Redactie HRMorgen Bekijk alle berichten van Redactie HRMorgen
19-03-2026Concurrerend met meer aandacht voor inkoop van personeel. In gesprek met Ruud Blaakman en Theo van L...