"Breng je organisatie verder"
SLUIT MENU

Thierry Aartsen wordt de eerste minister van Werk en Participatie

Thierry Aartsen (VVD) gaat als beoogd minister van Werk en Participatie aan de slag met de arbeidsmarkt. Wie is hij en wat wordt zijn takenpakket?

Thierry Aartsen (VVD) gaat als beoogd minister van Werk en Participatie aan de slag met de hervorming van de arbeidsmarkt. Hij bekleedt een nieuwe positie binnen het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) van beoogd SZW-minister Hans Vijlbrief (D66).

Minister van Werk en Participatie

Aartsen (1989) wordt de eerste minister van Werk en Participatie. Hij moet zijn takenpakket waarschijnlijk nog afstemmen met Vijlbrief, maar het lijkt logisch dat hij met deze titel verantwoordelijk wordt voor arbeidsmarktthema’s zoals de Wet meer zekerheid flexwerkers, de Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (Wtta) en het zzp-beleid.

In het coalitieakkoord staat zijn grote doel: een toekomstbestendige en wendbare arbeidsmarkt die bijdraagt aan economische groei en werk- en inkomenszekerheid. Dat vraagt volgens coalitiepartners D66, VVD en CDA om keuzes die zowel op korte termijn verlichting bieden als op middellange termijn leiden tot structurele hervormingen. Daarbij zet het kabinet nadrukkelijk in op ‘maatschappelijk draagvlak en samenwerking met sociale partners’.

Veel werk op het minister van SZW

Een flink takenpakket, dus niet zo raar dat hier een aparte nieuwe ministerpost voor is bedacht. SZW-minister Vijlbrief kan zich ondertussen focussen op de aangekondigde bezuinigingen op sociale zekerheid. Die liggen politiek gevoelig, dus het wordt nog een hele klus om dit door de Eerste en Tweede Kamer te krijgen.

Aartsen weet als geen ander hoeveel werk er aan de winkel is op het gebied van arbeidsmarktbeleid. Hij was vanaf juni 2025 kort staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, daarvoor was hij sinds 2018 Tweede Kamerlid binnen de commissie Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Hij viel op als woordvoerder arbeidsmarkt en pensioenen. Ook was hij een vurig pleitbezorger voor ondernemerschap en zelfstandigen.

‘Een serieus gesprek over een contractonafhankelijk stelsel’

In een interview met ZiPconomy (2024) noemt Aartsen zichzelf ‘een liberaal’ die mensen ruimte wil geven om hun werkende leven zelf in te richten. “We moeten een serieus gesprek gaan voeren over een contractonafhankelijk stelsel (red. voor sociale zekerheid). Dat is een mooie stip op de horizon en voor mij een belangrijk doel.”

Verder sprak Aartsen vaak met zzp’ers tijdens een landelijke reeks VVD-bijeenkomsten speciaal voor zelfstandigen. “Ik zit in de politiek om een brug te slaan tussen ondernemers en de politiek”, zei hij. “Het is hard nodig, omdat politiek Den Haag vaak anders naar de wereld kijkt dan hoe die daadwerkelijk is.”

Kritisch op vorig arbeidsmarktbeleid

In de Kamer was Aartsen kritisch op het arbeidsmarktbeleid van toenmalig SZW-minister Eddy van Hijum (NSC). Hoewel Aartsens eigen VVD deel uitmaakte van dat kabinet, vond hij dat de regering de SER MLT-adviezen te kritiekloos opvolgde.

In lijn met de Commissie Borstlap pleitte hij ervoor werkgeverschap aantrekkelijker te maken en het evenwicht tussen arbeidsvormen te herstellen. Aartsen stelde onder meer voor om de loondoorbetaling bij ziekte te verkorten en het ontslagrecht aan te passen. Deze punten zijn inmiddels opgenomen in het nieuwe regeerakkoord: de coalitie zet in op preventie, gezond werken en aantrekkelijk werkgeverschap.

Drijvende kracht achter de Zelfstandigenwet

Aartsen zag weinig in het wetsvoorstel Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden (VBAR) om te verduidelijken wanneer iemand ingehuurd mag worden als zzp’er. Hij zocht een alternatief en vond inspiratie in België. Samen met D66, CDA en SGP ontwikkelde hij het initiatiefwetsvoorstel de Zelfstandigenwet. Deze is nu opgenomen in het coalitieakkoord.

Aartsen mag zijn eigen initiatiefwet nu als regeringsbeleid implementeren. Voor het zover is, moet er nog veel gebeuren. De conceptversie van de Zelfstandigenwet is namelijk nog lang niet af. Er is nog geen advies van de Raad van State en uit de internetconsultatie bleken heel wat verbeterpunten.

Ook moet Aartsen als minister op zoek naar een politieke meerderheid voor de Zelfstandigenwet. Links vindt dat de Zelfstandigenwet te veel de deur openzet richting het zzp-schap en te weinig bescherming biedt aan kwetsbare werkenden. Rechts vindt verplichtingen rond pensioen en arbeidsongeschiktheid niet passen bij de vrijheid van het ondernemerschap. De meeste zelfstandigenorganisaties zijn wel enthousiast over het plan.

Korte termijn: rechtsvermoeden en verplichte aov

De nieuwe minister kan wel op korte termijn het rechtsvermoeden van werknemerschap invoeren, waarmee zzp’ers met een laag uurtarief gemakkelijker rechten als werknemer kunnen opeisen. Daar is brede steun voor.

Ook staat in het coalitieplan dat hij snel aan de slag moet met de Wet basisverzekering arbeidsongeschiktheid zelfstandigen (BAZ). Die verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering (aov) moet zo snel mogelijk worden ingevoerd, met uitzonderingsmogelijkheden voor wie een private verzekering heeft.

Kijk op arbeidsmigratie

Aartsen heeft ook een duidelijke visie op arbeidsmigratie. Hij presenteerde in augustus 2024 een visiedocument waarin hij ervoor pleit om arbeidsmigratie te beperken door duidelijker te maken wie de Nederlandse arbeidsmarkt nodig heeft en wie niet. Zo zijn hoogopgeleide kennismigranten in bijvoorbeeld de technologiesector van harte welkom. Hij wil arbeidsmigratie niet stoppen, maar duurder maken om de druk op de samenleving te verminderen.

De VVD-politicus mag waarschijnlijk aan de slag met een driejarige pilot om onder strikte voorwaarden gericht goed geschoolde arbeidskrachten naar Nederland te halen voor specifieke sectoren.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *



×