"Breng je organisatie verder"
SLUIT MENU

7 relevante HR thema’s uit het hoofdlijnenakkoord nieuw kabinet

Welke hoofdlijnen uit het hoofdlijnenakkoord van het nieuwe kabinet geven richting aan de arbeidsmarkt van morgen? We selecteerden alvast die punten die voor HR-professionals van belang zijn.

Het hoofdlijnenakkoord zoals de PVV, VVD, NSC en BBB gesloten hebben, is – zeker als het gaat om HR en arbeidsmarktgerelateerde onderwerpen – ook echt een hoofdlijnenakkoord. Gedetailleerde afspraken over uitvoering van beleid ontbreken nog. Het is aan de nog te vormen ministersploeg om die invulling nog te gaan maken. 

Het akkoord geeft wel een duidelijke richting, die voor HR-professionals goed is om alvast te weten. Daarom: een overzicht van de belangrijkste punten die wel – of juist niet – in het akkoord staan. 

1. Verbetering van het vestigingsklimaat voorop 

Het verdienvermogen van Nederland moet voorop staan, vinden de vier partijen. “Nederland moet een land blijven waar bedrijvigheid ontkiemt, bloeit en groeit.” De recent aangekondigde  lastenverzwaringen voor ondernemers gaat daarom weer omlaag. Bedrijven moeten minder regels krijgen. 

Daarnaast krijgen “de beschikbaarheid van talent, versterking van de kenniseconomie, innovatie, en (digitale) infrastructuur” prioriteit. Het Nationaal Groeifonds wordt definitief gestopt.  

2. Meer loon naar werk 

Met lastenverlichting op arbeid en het introduceren van een extra schijf in de inkomstenbelasting wil het nieuwe kabinet ervoor gaan zorgen dat werken meer loont. 

Een tussentijdse verhoging van het minimumloon met 1,2% gaat dan weer definitief door.  De stelselherziening kinderopvang (bijna gratis voor werkende ouders en overheveling naar instellingen) wordt doorgezet. 

3. Vaste banen centraal 

Zekerheid op de arbeidsmarkt moet worden gestimuleerd. Er moet gestreefd worden naar meer vaste contracten. De vier onderhandelingspartijen willen daarmee de lijn van het huidige kabinet voortzetten. 

Dat doen ze onder andere door verder te gaan met de nieuwe zzp-wet, de Wet Verduidelijking Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden (Wet VBAR). Die moet het voor werkgevers duidelijker maken onder welke omstandigheden nu wel of niet een zzp’er ingehuurd kan worden. Over de exacte invulling van die regels zullen ook binnen de coalitie nog afspraken gemaakt moeten worden. Met name de VVD en NSC hebben daar een andere visie op. 

4. Grip op arbeidsmigratie 

Het onderwerp migratie, waaronder arbeidsmigratie, is een belangrijk thema voor het nieuwe kabinet. Niet vreemd dat er ook relatief veel over arbeidsmigratie is afgesproken. Daar moet vooral meer grip op komen. 

De deur gaat zeker niet dicht, want, zo valt te lezen : “Arbeidsmigratie is nodig voor onze economie en ondernemers.” Maar, zo vervolgt de tekst: “het is nodig kritisch te blijven op wie wij nodig hebben en wie ons nodig heeft. Er komt een afwegingskader voor de vestiging van nieuwe bedrijven, in relatie tot de benodigde arbeidsmigranten, ruimte en energie.”

Een belangrijk punt is dat werkgevers van arbeidsmigranten verantwoordelijk worden gemaakt voor de ‘overlast en kosten van arbeidsmigranten zonder reguliere huisvesting’. Zij moeten daarvoor afspraken maken met gemeenten waarin hun werknemers worden gehuisvest (…) Bij langdurig verblijf krijgen werkgevers ook een verantwoordelijkheid voor het leren van de Nederlandse taal door deze werknemers.

Als onderdeel van de grip op migratie wil het nieuwe kabinet verder met het toelatingsstelsel voor uitzendbureaus. Een wetsvoorstel daartoe ligt klaar voor behandeling in het najaar. Werkgevers kunnen dan alleen personeel inhuren via gecertificeerde bureaus. 

5. Kennismigranten 

Ook kennismigranten van buiten de EU zijn van belang voor de Nederlandse economie, zo stellen de partijen. Maar de eisen om gebruik te maken van de kennismigrantenregeling worden aangescherpt en verhoogd. 

Een eerder aangekondigde versobering van de expatregeling gaat vooralsnog niet door. 

6. Krapte in de zorg prioriteit, minder rijksambtenaren, mediasector onder druk  

De personeelskrapte in de zorg krijgt specifieke aandacht in het akkoord. Het werken in de zorg moet aantrekkelijker gemaakt worden. Dat kan “door middel van meer autonomie, loopbaanperspectief, goede arbeidsvoorwaarden en beperking van regeldruk en van administratieve lasten, bijvoorbeeld door meer innovaties.” Gestimuleerd wordt dat personeel in loondienst eerste keuze krijgt bij roosterindeling, zoals al afgesproken is in het Integraal Zorgakkoord. 

Het programma “Toekomstbestendige Arbeidsmarkt Zorg en Welzijn” wordt wel gestopt, wat een besparing oplevert van 130 miljoen per jaar 

Het aantal ambtenaren op de ministeries moet weer flink worden afgebouwd, zo willen de vier. Ondertussen maken de cultuur- en mediasector zich zorgen over de effecten van het verhogen van de btw op bijvoorbeeld boeken, kranten en theater.  

7. Niets over pensioen  

Het meest opvallende hier is dat er niets over het pensioen in het akkoord staat. Ondanks stevige wensen van verschillende partijen om bijvoorbeeld het pensioenakkoord dat eerder is gesloten (deels) terug te draaien of bijvoorbeeld de pensioenleeftijd te verlagen. 

Volgende stap: vorming kabinet 

Woensdag 22 mei is er een kamerdebat over het nu bereikte akkoord. Daarna start de formatie.  Daarin worden de ministersposten verdeeld en wordt duidelijk wie de nieuwe minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wordt. Aan haar of hem de taak om bovenstaande thema’s verder uit te werken.