"Breng je organisatie verder"
SLUIT MENU

Een kwart van de werknemers doet alleen nog het noodzakelijke, quiet quitting neemt toe

De werkethiek in Nederland lijkt snel te verschuiven. Uit onderzoek van Indeed blijkt dat ruim een kwart van de Nederlandse werknemers zich op het werk beperkt tot het strikt noodzakelijke, zonder extra inzet of betrokkenheid te tonen.

Laptops dicht om 17:00 en extra verantwoordelijkheden afschuiven. Het minimale doen op werk, oftewel quiet quitting, lijkt een nieuwe trend bij Nederlandse organisaties. Bijna een derde (30%) van de HR-professionals merkt dat dit vaker voorkomt binnen hun organisatie. Dit blijkt uit onderzoek van Indeed.

Deze conclusie sluit aan bij SD Worx-onderzoek, waarbij Nederland vergelijkbaar scoort met buurlanden, zoals Noorwegen (28%), Duitsland (29%) en België (30%) als het gaat om het aantal werknemers dat alleen het strikt noodzakelijke doet. In andere landen, zoals Roemenië, ligt dit percentage veel hoger. Meer dan de helft van de werknemers (52%) beperkt zich tot de kern van hun taken.

Mannen en ouders doen vaker het minimale

Opvallend is dat mannen hier vaker toe neigen (29%) dan vrouwen (22%). Of werknemers kinderen hebben, speelt hierbij ook een rol. Bij ouders met thuiswonende kinderen is het aandeel quiet quitters opvallend hoog. 

Zo’n 41 procent geeft aan zich te beperken tot het strikt noodzakelijke. Dat is aanzienlijk meer dan werknemers zonder thuiswonende kinderen (26%). Dit wijst erop dat de gezinssituatie een belangrijke rol speelt bij de werkmotivatie.

“Het hebben van kinderen is een logische factor om bijvoorbeeld stipter met de werktijd om te gaan. Maar de aanname dat quiet quitting iets van doen heeft met luiheid, is te kort door de bocht. Vaak gaat het om een groeiend gevoel van disbalans tussen inzet en invloed”, zegt Stan Snijders, Managing Director van Indeed Benelux. “Mensen haken niet af omdat ze minder willen doen, maar omdat ze het gevoel hebben dat die extra inspanning niets oplevert.”

Generatieverschil in quiet quitting

Het onderzoek laat bovendien duidelijke generatieverschillen zien. Zo geeft ruim een kwart (28%) van de werknemers jonger dan 50 jaar aan dat ze op het werk vaak alleen het ‘minimale’ doen. Bij oudere werknemers, van 50 tot 59 jaar, ligt dit aanzienlijk lager op 20 procent.

“Oudere generaties zijn opgegroeid in een minder dynamische arbeidsmarkt: vacatures waren schaarser en baanwisselingen kwamen zelden voor. Ze zijn bovendien opgevoed met het idee dat loyaliteit en hard werken vanzelfsprekend zijn. Dat heeft geleid tot een werkmentaliteit waarin verantwoordelijkheid en continuïteit centraal staan”, legt Snijder uit.

Tegelijkertijd toont onderzoek van de Universiteit van Saarland dat de motivatieverschillen tussen generaties eigenlijk kleiner zijn dan gedacht. Volgens dat onderzoek blijkt dat de werkmotivatie nauwelijks verschilt per generatie. Opvallend is dat bij alle leeftijden de interesse om zich volledig in te zetten op werk afneemt.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *